Homilie Allerheiligen 2012 - Vincent Duyck

Vrienden, een koppel vrienden van mij, met twee kindjes, zitten momenteel midden in de bouwwerken. Ze zijn vorig jaar gestart en eindelijk begint er zichtbaar wat schot in de zaak te komen, hun huis begint vorm te krijgen. Ik moet jullie waarschijnlijk niet vertellen dat zo’n bouwavontuur niet niks is. Ik heb ze in het afgelopen jaar letterlijk zien verouderen. Want sowieso is bouwen – of zelfs een huis kopen – voor jonge mensen op vandaag helemaal niet eenvoudig. In België zitten we bij de duurste vastgoedprijzen van Europa. En als je er dan toch in slaagt om een huis te laten bouwen, dan krijg je te kampen met veel twijfels en zorgen. Gaan we onze lening afbetaald krijgen? Gaat de aannemer eindelijk ne keer doorwerken, het ligt weeral weken stil enz… enz…

Maar vrienden, wat ik enorm bewonder in dat koppel, dat is hun visie over hoe ze met energie willen omgaan in hun huis. Ze zijn echt op zoek gegaan naar manieren om zo duurzaam en ecologisch mogelijk te wonen: met een heel goede isolatie en met een heel laag energieverbruik. Zo hebben ze vb. voor hun verwarming iets laten installeren wat ik heel indrukwekkend vond. Een “warmtepomp”… Heb je daar ooit nog van gehoord? Dat is een systeem, voor zover ik het snap, die warmte uit de aarde haalt om het huis te verwarmen. Er zitten een viertal leidingen, warmtesondes, meters diep in de grond. Zo diep dat de temperatuur er hoger is dan aan de oppervlakte. En doordat een vloeistof door die leidingen wordt gepompt wordt de warmte naar boven gebracht. Zo kunnen ze hun huis verwarmen, zonder gas, zonder mazout.

Maar goed, waarom vertel ik dat nu, vrienden? We vieren vandaag Allerheiligen. Zoals het woord het zegt: het feest van alle heiligen. Maar eigenlijk is die naam een beetje misleidend, omdat je bij “heiligen” heel snel denkt aan een aparte categorie mensen. Dat zijn bv. de persoonlijkheden waarvan de kerk of de paus heel uitdrukkelijk afgekondigd heeft dat ze heilige mensen waren. Maar zou het dat zijn wat we vandaag vieren? Ik denk het niet. Ik denk zelfs dat Allerheiligen een veel mooiere en bredere betekenis heeft dan dat. Het is niet voor niks dat we vandaag die prachtige evangelietekst van de zaligsprekingen beluisteren.

Die zaligsprekingen, vrienden, dat is eigenlijk een tekst die spreekt over elke mens. Over ons allemaal. Als Jezus vandaag zegt: “Gelukkig – of zalig- ben je als je arm van geest bent, gelukkig ben je als je verdrietig bent enz., enz….” dan gaat dat over jou. En dat brengt mij terug bij die warmtepomp van mijn vrienden...

Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat Jezus heel zijn leven lang geprobeerd heeft om duidelijk te maken dat wij “warmtepompen” zijn. Wat wil ik daarmee zeggen? Die warmtepomp haalt de warmte uit het diepst van de aarde naar boven. Brengt ze in onze wereld, bij de mensen die er wonen. Eigenlijk is dat met onze binnenkant ook zo. Jezus heeft het onvoorstelbare vertrouwen verwoord dat er in de binnenkant van elke mens licht en warmte schuilt. Zeg maar, die levens- en liefdesvonk van God zelf En die is zo sterk, dat je ze met jouw levensverhaal, met jouw manier van leven naar boven kan brengen. Anders gezegd, het licht en de warmte die jij meedraagt, straal je weer uit naar de mensen om je heen.

Maar… er is wel een maar bij… Dat licht en die warmte in je eigen binnenkant, in jouw hart ontdekken, dat is niet eenvoudig. En weet je waarom niet? Omdat wij dat maar moeilijk kunnen geloven. We zetten God veel liever buiten ons, ergens ver weg, meestal zelfs achter de grens van de dood. Maar niet in ons. Want wie zouden wij zijn om zoveel licht en liefde mee te dragen in onze binnenkant?

En nochtans is het zo. Nochtans is het dat wat Jezus vandaag heel tastbaar wil maken. Maar hij doet dat nogal op een vreemde manier, met die zaligsprekingen. Daarmee vertelt hij eigenlijk: als je durft luisteren naar je binnenkant, naar wat je hart en je ziel je zegt, dan ga je één en ander ontdekken dat vertelt over die goddelijke vonk in jou. Meer dan je op het eerste zicht zou denken. Vandaar, laat ons een paar zaligsprekingen even wat dichter naar ons leven hertalen.

Gelukkig ben je als je armoede, gebrokenheid ontdekt in je binnenkant. Als je voelt dat je niet alles in de hand hebt, niet alles kan, of niet alles controleert. Het ontslaat jou van de plicht om perfect te moeten zijn, het vertelt dat er een vonk van echte vrijheid in jou leeft.

Gelukkig ben je als je verdriet opmerkt in je hart. Het vertelt dat jij een mens bent die graag ziet, die liefde nodig heeft, ook al word je er soms in gekwetst en kan het leven je er pijn in doen. Het zegt iets over een eindeloze bron van liefde die in jou woont.

Gelukkig ben je als je merkt dat je diep van binnen zacht en kwetsbaar bent. Want dat is jouw diepste kern. Een mens die liefde en dus weerloos is. Een mens die God zelf uitstraalt.

En zo, vrienden, kan je al die zaligsprekingen lezen. Als wegwijzers voor jouw binnenkant. Als je, met andere woorden, echt durft luisteren en leven naar jouw gevoel, naar jouw unieke binnenkant – los van wat anderen, je familie en vrienden, de samenleving, de kerk daar al of niet van verwachten – dan ga je iets proeven van een God die heel dichtbij is. Die in jou is. Dan ben je heilig, heel, dan ben je één met jezelf en dus één met die liefdesstroom die we God noemen. Dan kan je een warmtepomp zijn, een mens die de warme hartslag van je liefde op jouw unieke manier laat uitstralen naar anderen.

Meer nog, dan ga je zelfs iets beginnen ervaren van wat ons geloofsverhaal wil zeggen met: zelfs de dood is het niet het einde.

Als we – samen met zoveel mensen - in deze dagen naar het kerkhof gaan, daar een bloemeke zetten, efkes bidden of in gedachten een babbelke doen met overleden mensen die we in ons hart dragen, herinneringen aan hen ophalen, dan is dat niet zomaar een ritueeltje. Het is omdat we voelen dat ze bij wijze van spreken nog ‘nagloeien’. De warmte van hun levensverhaal is niet verdampt, is niet verdwenen. Het is zoals met die warmtepomp, die de warmte naar boven brengt. De mensen die overleden zijn brengen nu de warmte van hun verhaal in ons naar boven. Op een eindeloze, onverwoestbare manier. Omdat ze zijn thuis gekomen in een eindeloze liefde, ver voorbij alle taal en woorden. Een liefde die heilig, één en heel maakt. Hen en ons. Amen.